Katten stinken, aldus de vos
Ik heb met een kleine 200 soorten dieren gesproken, maar nog nooit met een vos. Als de gelegenheid zich voordoet, pak ik het meteen aan om met een vos te babbelen.
In Den Bosch is door Petra via een webcam een vos gesignaleerd op het terras bij haar woning. Als ik contact wil maken met het dier hoor ik dat hij slaapt en dat ik eigenlijk stoor. Het wordt me duidelijk dat hij in de grond zit, in een hol en dat die vrij diep is. In mijn beeld is de ingang best goed verstopt. En ik krijg door dat de ingang gemarkeerd is door een sterke geur (urine?).
“Mag ik je iets duidelijker voelen? Want ik merk wel dat we contact hebben maar het is wat vaag.”
De vos geeft daar niet veel gehoor aan maar legt uit hoe hij mensen ziet: ‘We zien jullie wel maar we hoeven niet veel met mensen. We bekijken patronen.’
“Door de manier waarop wij contact hebben, ik op afstand, ben ik geen gevaar voor jou,” probeer ik hem op z’n gemak te stellen. ‘Dat is inderdaad wel lekker,’ antwoordt de vos hierop.
Dan laat hij wat meer van zichzelf voelen: een soepel, wendbaar lijf, een goed gehoor en scherpe neus. Ook het zicht lijkt goed, erg op detail gericht. Als ik het goed begrijp zijn vossen samen ouders. Daarna gaan ze losser van elkaar. Ze lijken een eigen terrein, territorium, te hebben.
Ik ga even terug naar het terras waarop de vos is gesignaleerd en laat hem zien dat er ook een kat is in dat huis. ‘Katten stinken,’ reageert de vos. ‘Bovendien is dit een stom beest. Typisch een huiskat. Geen tegenstander.’ Nou, dat is duidelijk. Minachting voor huiskatten…
De vraag van Petra was wat ze zoal eten. Op die vraag laat de vos zien dat de nacht van hen is: ‘Het is logisch dat we overal kijken of er iets te eten is. We eten restjes, ook papiertjes likken we af.’ Hmmm, ja, we moeten als mensen echt onze resten en troep opruimen en afgesloten houden. Ik herinner me dat ik een keer een kraai en een marter bezig zag met afvalverpakking van McDonalds. We nemen dieren mee in onze slechte eetgewoonten.
Ik probeer het gesprek weer op gang te brengen en vraag hoeveel jongen ze grootbrengen. Twee á drie is het antwoord. Ik vertel de vos dat ik zijn info later allemaal ga nakijken op internet. Toen ik dat deed, zag ik dat ze meer jongen werpen. Maar ja, mijn vraag was hoeveel ze grootbrengen. En dat aantal is aanzienlijk minder, onder andere door ziekte en verkeersongevallen. Dus wie weet klopt het antwoord best wel.
Ons contact loopt wat gereserveerd. De vos laat niet het achterste van zijn tong zien, hij lijkt ook niet echt plezier te hebben in het gesprek. Op dit soort momenten ga ik altijd wat geforceerd vissen naar informatie om te kijken waar we aanknopingspunten hebben om verder te babbelen. Kennelijk dwaal ik af naar vossen in de natuur en dan hoor ik de vos met irritatie zeggen: ‘Ik ben hier. Ik pas me aan. Wat is goed? Wat is fout? Niet aanpassen is einde verhaal.’ Daar heeft het dier natuurlijk helemaal gelijk in.
Het is altijd bijzonder hoe dieren in dit soort gesprekken mijn dwalende gedachten en beelden volgen. Want zoals vaker gebeurt, haakt deze vos nu ook in op een beeld van mij en ik hoor: ‘Natuurlijk kijk ik overal.’
Het is niet een echt leuk gesprek en ik geef het op. Een paar dagen later neem ik weer contact op en ik hoor meteen: ‘Ben je er weer?’ Zoals wel vaker lijkt het of dit dier ook even heeft moeten wennen aan communiceren op deze manier want nu voelt hij milder en opener. Hij laat zien dat het wel makkelijk is om bij mensen in de buurt aan eten te komen. “Ligt er dan zoveel voor jullie?” vraag ik naïef. ‘Tuurlijk, je moet gewoon je neus achterna,’ is het antwoord. ‘En op tijd wegschieten.’ Hij laat me zien dat ik vossen in de klem houd met mijn beeld van waar vossen horen (in de natuur). ‘Mensen zijn steeds minder bedreigend voor ons. Vroeger waren er geweren en vallen, nu kunnen we meer vrijelijk bewegen.’ Hmmm. Misschien heeft het dier daar wel gelijk in.
“Ik wil wel eens een vos zien!”, merk ik spontaan op. ‘Dan moet je kijken,’ is het nuchtere en resolute antwoord.



Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!