Berichten

Mevrouw uil – vervolg gesprek

M: Hallo mevrouw Uil, of Maria Magdalena, mag ik weer even praten met je? Ik heb over je geschreven en de mensen zijn benieuwd hoe het nu verder gaat met je.
MM: Dag meneer Mulder, ja je mag weer even met me praten. Dat vind ik wel gezellig. Hoewel ik nu mijn uiltje aan het knappen ben, werkt dit op een ander niveau, waardoor ik niet gestoord word in mijn rust.
M: Je hebt in ons gesprek gezegd dat je misschien ooit wel eens zou uitleggen waarom je jouw naam hebt gekozen.
MM: Dat klopt, maar dat ga ik nog niet uitleggen, dat kan pas als we een intiemere band hebben opgebouwd, en die hebben we nog niet. Dit is pas onze derde date, zo snel ben ik niet met me bloot geven!
M: Je hebt zo’n leuke wijze van speken, daar geniet ik van. Ik zal me ook netjes houden aan de protocollen van de derde date. Wil je vertellen over je huisvesting en omgeving?
MM: Dat kan. Zoals je weet woon ik in het bos waar jij ook bij betrokken bent. Ik woon op het eiland, meestal hebben we een boom waar we samen in wonen, slapen we op een tak. En als we jongen krijgen maken we gebruik van een holle boom waar het nest in is gemaakt. Dat gaat heel goed, soms slapen we daar ook wel eens in als het erg slecht weer is, maar liever zit ik op een tak, dan voel ik me meer opgeruimd, veel ventilatie rondom is wel zo fijn.
M: Dat is jullie woonsituatie en hoe gaat het met je leefgebied?
MM: Ja, je weet dat we een mooi leefgebied hebben, ruimte genoeg, weinig storende mensen in de buurt, hoewel ik het soms wel leuk vind om al oehoehend langs te vliegen en de mensen een unheimisch gevoel te geven als we langs komen met z’n tweeën en ieder oehoe zegt. Grapje. We hebben ruimte genoeg om te jagen en ons gebied is eigenlijk helemaal niet zo groot want dat is niet nodig. De andere dieren zijn ook prima om mee te leven, we hebben weinig concurrentie, behalve de Havik, die is soms lastig, die is nogal bezitterig over het gemeenschappelijke jachtterrein. Maar doordat we meestal op verschillende tijden jagen, is dat niet echt een probleem. Wel hebben we de uitkijkboom moeten verruilen, omdat daar de havik graag zit. Is dat genoeg voor vandaag om je publiek tevreden te houden?
M: Dat weet ik niet, maar wel leuk dat je dit allemaal vertelt. En ik ben gecharmeerd van je humor. Dank je wel en tot een volgende keer dan maar weer.
MM: Graag gedaan en tot spoedig, laat je trouwens ook een keer zien, dan kunnen we elkaar persoonlijk begroeten, lijkt me leuk.
M: Mij ook.

201204

Mevrouw Uil laat zich horen

Ik zit in een mooie werkruimte in een groot bos en zit klaar om met een dier te praten en wacht welk dier er langs komt. Het blijkt een uil te zijn.

M: Hallo meneer de uil, hoe gaat het?
MM: Hou eens op met die flauwekul en trouwens, ik ben mevrouw Uil zonder de.
M: Neem me niet kwalijk, ik wilde niet lollig zijn, maar was verrast om een uil langs te krijgen. Ik zal me even netjes voorstellen. Ik ben ….
MM: Dat is prima, ik vind een praatje af en toe wel leuk, zo vaak doe ik dit niet. De meeste mensen maken geen contact.
M: Dat is waar. Ben jij iemand die hier in dit bos woont? En heb je familie hier?
MM: Ja, ik woon in dit bos, het is heerlijk rustig en mijn vent woont hier ook. Het is een veilige plek en er is genoeg jachtterrein omheen om ook voldoende voedsel te hebben.
M: Waarom maakte je contact met mij?
MM: Die vogel die jij Hyronimus noemt suggereerde dit contact en het lijkt me wel leerzaam.
M: Ik denk dat dat dan wederzijds is. Ben jij een filosofische wijze uil?

Ben jij een filosofische wijze uil?

MM: Je weet wat mensen van uilen zeggen.
M: Leuk heb je ook een naam?
MM: Noem mij maar Maria Magdalena.
M: Is dat toeval dat je die naam kiest?
MM: Nee, maar daar vertel ik later nog wel eens over. Dit is genoeg voor de eerste keer. Tot ziens.
M: Dank je wel voor het gesprek.

Een paar maanden later neem ik nog eens contact op.

M: Hallo Maria Magdalena, hoe gaat het?
MM: Je maakt me wakker en dat betekent dat ik even wat brommerig ben.
M: Hebben dieren ook last van stemmingen en een humeur?
MM: Jazeker. Ik kan heel humeurig zijn als ik gestoord word of wanneer ik op jacht ben en het lukt telkens niet. Dat bederft mijn stemming wel, want dat betekent honger. Gelukkig meestal niet zo lang, want dan vind ik wel weer een andere prooi.
M: Je bent eigenlijk wel een hele mooie vogel?
MM: Blij dat je het ziet. De meeste mensen zien mij nooit en begrijpen uilen ook niet. Daarom is er eigenlijk geen communicatie tussen mensen en uilen.

De meeste mensen zien mij nooit en begrijpen uilen ook niet.

M: Vind je dit wel een geslaagde vorm van communiceren met elkaar?
MM: Ja zeker, dit kan heel goed en leuk worden, maar moet het nog wel gaan worden. Nu is het nog over onbenullige dingen.
M: Hoorde ik je nu koetjes en kalfjes zeggen als gespreksstof?
MM: Ja, we kunnen ook spreekwoorden gebruiken en ik vind dat eigenlijk heel leuk om te doen, maar dacht dat jij het misschien niet goed zou begrijpen, daarom heb ik maar eenvoudige taal gekozen.
M: Oh dat is lief van je. Maar spreek maar zoveel mogelijk zoals je zou willen doen, en als ik het niet begrijp vraag ik wel om toelichting. Afgesproken?
MM: Komt voor de bakker.
M: Ik zie je gaat meteen los.
MM: Is deze hitte voor jullie ook een beetje teveel van het goede? (Het is momenteel hoog zomer en erg warm buiten)
M: Ja, eerlijk gezegd wel. Tot dertig graden kan ik nog wel lekker vinden, maar het komt nu teveel daarboven en dan wordt het bij ons in huis wel erg warm met de zon die steeds schijnt? Hoe voelt dat voor jullie?
MM: Je weet dat wij vooral nachtjagers zijn en als het zo heet is zijn er veel dieren die overdag zich verstoppen en dan ’s avonds weer tevoorschijn komen. Dat maakt het voor ons erg eenvoudig om aan eten te komen. Dus eigenlijk wel aangenaam. Je moet alleen een goed dag plek hebben, anders warm je teveel op.
M: Ik snap het, en ik moet helaas stoppen. Er komen mensen aan. Tot een volgende keer.
MM: Oei, die is niet tevreden! (Die opmerking sloeg op mijn kleinkind die met veel lawaai binnenkwam).

191112 – 200809