Berichten

`Intenties laten zich niet verwoorden´

Als ik contact maak met deze olifant, lijkt ze meteen een speeltje van me te maken. Ze reageert uitbundig, wat onbenullig en geeft me het beeld dat ze met me speelt als met een lappenpop. Mijn insteek is altijd serieus contact dus ik vraag haar of ze uitgespeeld is. Meteen zet ze me in haar beeld neer en loopt van me weg. Ho, dat was ook niet de bedoeling! Dus loop ik naast haar mee maar dat bevalt me niet. Beleefd vraag ik of ze de tijd wil nemen voor een gesprek.
Meteen laat ze weten niet naar mensen te hoeven luisteren. Dat vind ik natuurlijk okee en ik vertel haar dat dit contact op een ander level is, niet fysiek. Dan wil ze wel communiceren.
Ze laat als eerste zien dat olifanten lange afstanden lopen. Dat zit in hun wezen. Hier kan ze voldoende lopen en bewegen maar het zijn geen lange afstanden in colonne.
Tijdens mijn dierentuinbezoek heb ik wat info opgevangen van een verzorger en ik vertel de olifant dat ik hoorde dat er onderzoeken gedaan zijn naar hun onderlinge communicatie. De verzorger vertelde dat in hun kop trillingen te voelen zijn. Deze olifant geeft door dat het om golven gaat.
Ze komt bij mij heel open en actief over en haar aandacht gaat ook snel ergens anders heen. Ze laat zien dat ze doet waar ze zelf zin in heeft. Ze lijkt in een eigen flow te zitten en vermaakt zich op een dag met bomen, publiek, andere olifanten, stokken, zand, water, lopen etc.
Ik moet het contact met haar echt goed gericht blijven houden dus vraag ik naar hun manier van onderling communiceren. Dan krijg ik het idee dat ze op ‘twee standen’ tegelijkertijd leven. Het trage van hun bewegen en de flow waar ze fysiek in zitten maar tegelijkertijd een razendsnel, fijngevoelig denken.
Met die fijngevoeligheid lijken ze te weten wat er buiten de muren van het nachtverblijf gebeurt. Weten ze wanneer de verzorgers er zijn/komen en hebben ze een ragfijn onderling contact.
Ik geef via een beeld door dat de verzorgers zich niet meer tussen de olifanten mengen omdat er ongelukken zijn gebeurd en dan zie ik dat de verzorgers helemaal niet van belang zijn! De olifant laat zien dat alles draait om wat er op hun ‘olifantenlevel’ gebeurt. Mensen nemen daarin een enorm kleine plaats in. Mocht er onderling wat zijn tussen de olifanten dan houden ze totaal geen rekening met de fysieke aanwezigheid van een mens. Vertrapping of iets dergelijks van mensen is dan niet meer dan een tak vertrappen die toevallig in de weg ligt. ‘Het speelt zich allemaal af op ons communicatieniveau.’
Ik ben werkelijk onder de indruk van de grootte van hun onderling (be)leven. De olifant laat zien dat de rol van de mens/verzorger zó klein is. Ik meen te moeten opmerken dat er toch heel wat mensen om hen heen zijn die zich een slag in de rondte werken om hun verblijf goed te maken. ‘Mensen leggen voedsel neer maar zijn van zo weinig betekenis voor ons.’ Ik geef haar via beeld en gevoel door dat het me schokkend lijkt om te horen als verzorger, als je met zoveel liefde voor die dieren werkt.
‘Maar je laat mij wel een kijkje nemen bij je,’ merk ik dan een beetje verbaasd op. ‘Ik neem ook een kijkje bij jou,’ is meteen het antwoord. Ik weet inmiddels dat op dit niveau van communiceren er inderdaad een wederzijdse uitwisseling is. En onbewust denk ik aan wat mijn intenties zijn om dit soort contacten aan te gaan. ‘Intenties laten zich niet verwoorden,’ hoor ik er pats boem overheen. Een lekker bijdehand dier…

Communiceren doe je samen

Met dieren kunnen communiceren is makkelijk, denken mensen vaak. Je kan je dier zo krijgen waar je het hebben wilt.

Nou, ik heb geleerd: voor communicatie zijn er echt twee nodig.

Ik had Rozette uit het asiel ‘gered’ en gezien het aantal ratten was ze meer dan welkom op ons schip.

Maar Rozette had andere plannen. Ze ontsnapte meteen de tweede dag al uit mijn afgezette gebied.

Wat ik ook probeerde te communiceren met haar, ik ving steeds bot. Ze reageerde niet op mijn ‘oproepen’ en ik had het idee in het luchtledige contact te leggen.

Toen ik haar na twee weken ergens zag was ik zo blij dat ik snel terugging om eten te halen.

Ik dacht dat ik onderweg met haar had kortgesloten dat ik haar in een mandje terug zou brengen, maar toen ik haar wilde pakken glipte ze wild uit mijn handen. Ik zag haar een week niet.

Rozette vertikte het om via het zesde zintuig informatie uit te wisselen.

Toen ontdekte ik dat ze een vaste plek had gevonden in een bosschage 500 meter vanaf het schip. Ik heb voorzichtig contact moeten opbouwen. Tijdens deze kennismakingsperiode kreeg ik zelfs een keer een venijnige linkse in mijn gezicht. Dat had een kat nog nooit gedaan.

Rozette vertikte het om via het zesde zintuig informatie uit te wisselen. Ze hield zich doof voor mij en liet mij maar werken.

Maar ach, ik paste me aan. Elke avond bracht ik eten. Ik had zelfs een hokje neergezet waar ze in kon als het regende of hard waaide. Soms was ze een of twee dagen aan de wandel en kwam ik voor niks.

Een uithuizige kat kost toch wel tijd dus ik combineerde het uitlaten van de hond op een gegeven moment met het eet- en contactmoment met Rozette.

Ook dit bouwden we lekker basic op via de vijf zintuigen.

Maar ja, ik wilde zo’n katje toch ook wel langs een andere kant leren kennen… Dus ik vroeg haar weer eens of ze wat van zichzelf wilde laten zien via de diercommunicatie.

Rozette gaf meteen het beeld dat ze ruimte nodig heeft en dat ze ervan baalt dat mensen willen bepalen waar ze moet zijn en wat haar ruimte is. Ze houdt van vrijheid, niet van hekken en ze gaf door dat ze niet zo’n socio is.

Ik merkte op dat ze wel steeds meer interesse voor de hond krijgt en dat ze toch ook wel leek te genieten van de contacten met mij.

‘Ja, maar jullie gaan weer. Dan heb ik het rijk weer alleen.’

Ze liet zien dat ze het schip veel te druk vindt, dat ze dan veel te veel rekening moet houden met anderen.

‘Weet wel dat ik al besloten heb om in de winter een buitenhok voor je neer te zetten aan boord. Het is de dijk aflopen en je bent bij het schip.’

‘Maak je toch niet zo druk!’ reageerde ze kortaf.

Ze heeft gelijk. We zien wel. Voorlopig zit ik dagelijks in haar bosjes insecten en bloemen te kijken terwijl zij haar bakje leegeet.

In vorm

Een half uur voor een klant me belt voor een gesprek met haar kat kom ik thuis en zie dat er een touw van het schip geknapt is. Ik ga druk bezig om het touw te vervangen en uitermate tevreden met mezelf zit ik twee minuten voor de afgesproken tijd klaar.

Als ik contact wil maken met het dier hoor ik een oorverdovende stilte.

Als ik contact wil maken met het dier hoor ik een oorverdovende stilte.

‘Hmm, raar,’ zeg ik tegen de vrouw, ‘ik weet dat hij me hoort en dat we verbinding hebben, maar hij laat niks horen of zien.’ Ik bekijk het nog eens en hoor dan: ‘Kom eerst maar es tot jezelf.’ Hoezo tot mezelf komen? sputter ik meteen. Tot ik merk dat ik nog vol adrenaline zit en dat m’n spieren nog letterlijk natrillen van de grote inspanning.

We spreken af dat ik eerst een half uurtje ga liggen.

Daarna maak ik weer contact met de kat en het lieve dier zit me in alle rust aan te kijken, te wachten tot ik zelf een conclusie trek. Wat wil je toch? denk ik. Ik ga even helemaal met de aandacht naar mezelf en merk dat allebei m’n armen en benen schrijnen en branden van de brandnetels en bramendoornen waar ik me doorheen had moeten werken.

‘Het gaat ‘m vandaag niet worden,’ zeg ik tegen de vrouw en we spreken af voor de volgende dag.

Dat gesprek gaat als een tierelier. Het katje blijkt een enorm gevoelig dier te zijn die veel aan de mensen wil geven. De aandacht die hij voor mij had kan ik dan ook helemaal plaatsen. En het dier drukte mij weer eens op het feit dat ik zelf lichamelijk altijd goed in vorm moet zijn om dit uiterst delicate werk te kunnen doen.