Dieren dom? Vergeet het maar! Het zijn vaak leermeesters en bijzonder goede gesprekspartners! Laat je inspireren.

Mijn eerste ervaring

Uit ´Diercommunicatie in de praktijk´ – 2008

Je vergeet wel eens dingen dus het was erg leuk dat ik onderstaand verhaal in mijn eigen boekje teruglas.

“Mijn eerste ervaring met informatie doorkrijgen aan de hand van een voorwerp was een zeer intense. Ik voelde een enorm verdriet dat ik niet kon plaatsen en kon het niet helpen dat ik moest huilen. De paardeneigenaar kon het verdriet wel meteen plaatsen. Ze had haar paard destijds gekocht om mee te fokken maar er bleek genetisch iets mis te zijn waardoor het onverantwoord zou zijn om de merrie een veulen te laten krijgen. De eigenaar wist niet dat het de merrie nog steeds zo’n verdriet deed want het gaat heel goed met het dier. Kennelijk was dit toch wat het dier ten diepste bezighield en wat ze kwijt wilde. Pas tien uur later leek er iets uit mijn ribbenkast te ploppen en was ik de emotie van het paard kwijt. De docente verweet zichzelf achteraf dat ze dit niet voldoende had opgemerkt. Anders had ze me geholpen onze energieën weer te scheiden.”

Fazant op Texel

M: Dag fazant, mag ik met je praten?
F: Dat lijkt me leuk.
M: Hoe weet ik nu dat ik met de gehandicapte fazant spreek die ik enkele dagen terug gefotografeerd heb?
F: Dat is niet zo moeilijk, jij denkt sterk aan mij en we hebben contact want ik voel jouw aandacht op mij gericht.
M: Hoe komt het dat jij mank loopt?
F: Moet nu juist daar jouw aandacht heen gaan?
M: Sorry, als je dat naar vindt, dan gaan we het over wat anders hebben. Wij vonden je een hele mooie vogel en je hebt een prachtig glanzend verenkleed.
F: Ja, dat is waar. Ik ben ook wel trots op mijn mooie veren, ze glanzen mooi en zitten netjes. Ik verzorg me dan ook goed. Ik wil je wel antwoord geven op je vraag over waarom ik mank loop, maar voor mij is dat gewoon zoals ik ben, er is niets bijzonders aan. Het is gekomen doordat ik enkele voortenen ben kwijtgeraakt, die zijn ergens in vast komen te zitten. Dan moet je jezelf zien te bevrijden of je moet geholpen worden. Ik heb mijzelf bevrijd en dat was pijnlijk, maar ik kan prima functioneren zonder die voorste tenen.
M: Hoe is het leven voor jou op het eiland?

En natuurlijk weet je bij mensen nooit wie je vijand is of wie je vriend. Je ziet wel aan de uitstraling van mensen wat voor soort het is, maar toch kunnen mensen onverwacht eng zijn en niet te vergeten hun loslopende honden

F: Aangenaam. Het is een goed leven hier, er zijn maar weinig vijanden op dit eiland. Vossen zijn er niet, katten zijn er wel, maar die laten ons bijna altijd met rust, alleen kleine fazantjes hebben echte natuurlijke vijanden op Texel. Van katten tot roofvogels, maar als je leert goed op te letten, kun je hier heel goed leven. En natuurlijk weet je bij mensen nooit wie je vijand is of wie je vriend. Je ziet wel aan de uitstraling van mensen wat voor soort het is, maar toch kunnen mensen onverwacht eng zijn en niet te vergeten hun loslopende honden. Maar die kan ik altijd voor blijven. Wij kennen alle sluipweggetjes door het struikgewas en de honden kunnen daar zelden komen. Maar om weg te vliegen hebben we een wat langere aanloop nodig, dus sluipen we liever weg.
M: Dank voor je gesprek of wil jij nog wat zeggen?
F: Ja, jullie mogen best wat meer voedsel laten slingeren. Wij genieten er van. Dus je hoeft niet alles in gesloten containers weg te gooien. Gooi je oude brood maar gewoon in het bos in de struiken. Mag gerust, er zijn veel dieren die daar van kunnen genieten.
M: Ik zal er om denken en inderdaad hebben we wel eetbare zaken over die we in het bos kunnen achterlaten. Dank voor de tip.
F: Graag gedaan en tot de volgende keer.

 

Kat helpt mens

Mijn moeder ligt in het ziekenhuis en we hebben een paar intensieve dagen gehad. Vandaag staan er gesprekken met dieren gepland en ik twijfel of ik ze moet afzeggen. Heb ik de concentratie wel of zit mijn hoofd te vol? Ik besluit dat ik het erop ga wagen.

De kat wil mij eerst bekijken en als een dier dat wil, geef ik altijd de ruimte om mij te ‘scannen’ zodat het weet met wie het te maken heeft. Dit katje neemt rustig de tijd en blijft haken bij een zere plek in m’n hoofd. “Een zorgenplek,” concludeert ze. Tjesses, ik ben degene die ingehuurd wordt om te helpen, ik hoef zelf geen hulp.

Maar zoals dat gaat bij dieren: ze zwijgen net zo lang tot ik de mens vertel wat er op dit niveau gebeurt. Dus ik moet de kat en de mens wel vertellen dat mijn moeder in het ziekenhuis ligt en ik overwogen heb om het gesprek af te zeggen.

We gaan verder met het gesprek en de zere plek in mijn hoofd is weg ….

Hyronimus 20: Over een dierencommunicatie boek

M: Dag Hyronimus, mag ik weer met je praten? Het is al weer lang geleden en we missen je wel nu we niet meer zo dicht bij elkaar wonen.
H: Natuurlijk kunnen we met elkaar communiceren, graag zelfs. Ik heb me de afgelopen weken een aantal keren aan je laten zien als herinnering dat we weer eens kunnen praten en dat is dan nu het geval.
M: Waar zou jij het over willen hebben?
H: Meestal ben jij degene die de vragen stelt, maar ik wil wel een aanzet geven voor een onderwerp. Je bent bezig met een boek over onze gesprekken. Hoe schiet dat op?
M: Jij weet altijd de vingen op de zere plek te leggen. Dat schiet niet zo hard op, eigenlijk ligt dat al weer een tijdje stil.
H: Kun je niet een keer een aantal dagen achtereen aan dit boek werken, zodat je de basis hebt staan en dan kun je doorgaan met de fijn slijperij, zoals dingen toevoegen waar je al mee bezig was, zoals foto’s en weetjes. Zet eerst alle teksten er maar in. En vergeet vooral niet om er een interessant voor-woord aan toe te voegen, een stuk dat jouw verhaal vertelt over dieren communicatie.
M: Ja, dat is een denkbare gedachte. Ik zal het in moeten plannen tussen alle drukke werkzaamheden, maar het moet kunnen.

Doe dat dan en stel het niet uit.

H: Doe dat dan en stel het niet uit. Dit moet je binnen twee weken gereed kunnen maken en dan heb je de structuur staan. Vanuit die structuur kun je verder werken.
M: Dat ga ik proberen wilde ik zeggen, maar dan weet ik al wat jij zegt, niet proberen maar gewoon doen. Dus dat ga ik doen.
H: En ga nu reeds nadenken over hoe je het boek gepubliceerd krijgt en hoe je het aan de grote klok hang. De tijd is wel rijp voor dierencommunicatie gezien de verschillende media die aandacht beste-den aan andere vormen van communicatie en waarbij de natuur een grote rol speelt.
M: Mag ik dan nog een vraagje stellen over een grote twijfel van mij? Nu heb ik voorzien om alleen de gesprekken met jou op te nemen, maar er zijn hoofdstukken, zoals de oorlog in Oekraïne, waar ik ook heel mooi enkele andere gesprekken in zou kunnen opnemen? Wat vind jij daarvan? Dan gaat het niet meer alleen over jou, maar meer over dierengesprekken.

Dit boek gaat niet over mij maar over communiceren met dieren

H: Dit boek gaat eigenlijk niet over mij maar over communiceren met dieren en dan past dat er heel goed in. En misschien moet je de titel ook aanpassen en niet naar mij noemen maar de nadruk leggen op dieren communicatie, waardoor je de vrijheid hebt ook andere gesprekken op te nemen. Het zal het boek alleen maar interessanter maken.
M: Waarschijnlijk heb je daar wel gelijk in. Dank voor deze uitleg. Wil jij nog wat toevoegen?
H: De promotie voor het boek moet je heel goed aanpakken want dit gaat niet over jou of mij, maar over de geloofwaardigheid van dierencommunicatie. Dus denk daar nog eens heel goed over na, vraag desnoods professionele hulp.
M: Dank je wel.
H: Graag gedaan, tot binnenkort weer.
230422

Wij zitten niet alleen opgesloten in huizen en hokken, maar ook in ons lijf.

Als ik ’s morgens de houtkachel aansteek, komt  de hond er altijd bij en schurkt zich blij en verwachtingsvol tegen me aan. ‘Ja,’ zend ik met een telepathische grijns naar hem uit, ‘jij kunt geen kachel aansteken.’ Ik krijg heel rustig terug: ‘Nee, inderdaad, maar ik kan andere dingen.’ Hij geeft door dat hij altijd blaft als er mensen komen en ik antwoord met een dankbaar complimentje zijn kant op. Nu ik hem toch ‘aan de lijn’ heb, wat helemaal niet vaak zo bewust gebeurt, vertel ik hem dat ik een boek aan het schrijven ben over deze vorm van communiceren met dieren. Ik krijg het beeld terug van een mergbotje: die wil hij wel weer eens hebben, dan heeft hij ook wat te doen als ik lang achter de computer zit. Ik beloof die te gaan kopen en vraag wat hij ervan vindt dat ik dit allemaal schrijf. ‘Het is voor een hoger doel,’ hoor ik. De hond vindt het belangrijk dat er kennis van dieren overgebracht wordt: ‘Mensen zijn vaak zo gevoelsarm, ze moeten leren dieren serieus te nemen. Dieren zijn geen voetvegen.’

 

Ook de papegaai vindt het tijd worden dat mensen naar dieren luisteren: ‘Dieren hebben een scala aan gevoelens. Mensen gaan daar vaak zo bot mee om. Deze vorm van communiceren met ons moet de wereld in. Wij moeten een stem hebben. Vertel de mensen over ons! Wij zitten niet alleen opgesloten in huizen en hokken, maar ook in ons lijf. Wij willen gehoord worden. Luister naar dieren! Mensen hebben niet het alleenrecht van spreken. Je zult op weerstand stuiten, maar dan kom je maar weer met mij babbelen.’

Een van de katten vindt het leuk dat ik met ze communiceer. Volgens haar is er nog veel werk te doen op dit gebied: ‘Dieren moeten bevrijd worden van het stempel dat mensen hen gegeven hebben. Dan kunnen dieren hun aardse taak voor mensen beter vervullen omdat ze meer ingangen hebben. Mensen raken zo verward in elkaar. Dieren zijn puur, laten mensen hun ware bestemming zien, waardoor mensen ook zorgvuldiger met elkaar kunnen leren omgaan. Mensen maken er absoluut een zootje van. Dieren hebben de taak mensen op te richten, te genezen, zuiver te maken. Maar dan moeten dieren wel eerst bevrijd zijn van aardse beslommeringen en ongemakken. Dieren moeten hun plaats krijgen.’

Uit: In de Stilte hoor je alles

Breed pallet aan reacties zowel bij mens als dier

Afgelopen week had ik contact met dieren die verschillend reageerden op lichamelijk ongemak. En dan moet ik altijd glimlachen want in de dieren herken ik de mensen. Ook mensen reageren verschillend op situaties. Het brede pallet aan reacties is bij beiden aanwezig.

De meeste dieren die gesteriliseerd worden pakken het makkelijk op en het leven gaat vrolijk verder. Maar niet voor een heel gevoelige hond die me liet weten dat ze het toch licht traumatisch had gevonden. Ik kon de hond (en de mens) uitleggen dat we op deze aarde, in deze fysieke vorm, allemaal dingen tegenkomen die minder leuk zijn. Het zijn opgedane ervaringen die we kunnen aftekenen in ons levensboek.

Een andere hond heeft het ongemak dat er soms in z’n koppie iets niet helemaal lekker gaat en als een soort flauwte zakt hij door zijn poten. Het dier staat snel weer op en gaat vrolijk verder, niet gehinderd door deze onverwachte actie van zijn lijf.

Het is altijd zo dat de reactie past bij de aard van het dier.

Ik herinner me ook nog een teckel die het helemaal bont maakte. Ze was van de trap gevallen en liet zich alle aandacht en zorg zeer welgevallen de dagen ernaar. De dierenarts kon niks vinden en de vrouw besloot mijn hulp in te roepen. Ik moest vreselijk lachen want het dier voerde een complete show op: ze mankeerde niks maar vond al die aandacht heerlijk. Het vermoeden van de vrouw dat er niks aan de hand was werd door mij bevestigd. De hond was niet blij dat ik er bij geroepen was want hierbij viel het doek van haar eigen theater.

Handleiding voor vakantiegangers die een huisdier achter laten

M: Dag Kaila. Je ligt zoals gebruikelijk weer lief naast me terwijl ik zit te werken, maar kunnen we even praten. Is dat OK?
K: Dat is OK.
M: Je weet dat wij binnenkort een lang weekeinde weg gaan en dat jij dan bij mijn broer gaat logeren. Zullen we samen een handleiding maken hoe een mens aan zijn huisdier kan vertellen dat ze even weg gaan en wat er in de tussentijd met het huisdier gaat gebeuren?
K: Dat lijkt me wel gaaf om te doen.
M: Wat is belangrijk dat er moet gebeuren?
K: Begin vroegtijdig te vertellen dat jullie weg gaan, zeker niet op het laatste moment.
M: Weken van te voren?
K: Ja, minstens enkele weken van te voren. En vertel ook meteen wat je plannen zijn voor je huisdier. Die mag geen moment in onzekerheid gelaten worden over wat er met hem/haar gebeurt in die periode. Blijft hij thuis en komt er oppas, of gaat hij uit logeren en bij wie of gaat hij in pension? Alles meteen vertellen zodra je weet wat je wilt gaan doen. En denk vanuit het lieve achterblijvende huisdier, die moet het ook leuk hebben als jullie weg zijn.
Je weet dat ik alles aanvoel wat jullie denken en voelen, dus we voelen als huisdier dat er iets staat te gebeuren en dat geeft onzekerheid. Die onzekerheid moet je zo snel mogelijk wegnemen door het je dier te vertellen.

we voelen als huisdier dat er iets staat te gebeuren en dat geeft onzekerheid

M: Dat klinkt heel verstandig.
K: Ik ben nog niet klaar. Zoals jullie je verheugen op even weggaan, zo willen wij als huisdier dat ook kunnen. Dus bedenk een oplossing waar ook het huisdier er van kan genieten dat hij even niet bij jullie is. Dat hebben jullie best wel goed geregeld, ik vind je broer heel lief. Maar ik heb nog nooit bij hem gelogeerd dus dat vind ik wel spannend. Kunnen we vooraf nog even gaan kijken, want ik herinner het me niet meer zo goed. Doen we dat?
M: Als jij dat vraagt doen we dat.
K: En maak een hele goede lijst met alle normale gewoontes, tijden van uitlaten, eten geven en soort en hoeveelheid voedsel, tijden van knuffelen en spelen en slapen. Het hoeft niet allemaal hetzelfde te zijn, maar hoe meer de regelmaat wordt doorgetrokken hoe eenvoudiger het voor het huisdier is. En nog een heel belangrijk punt, vertel altijd wanneer je weer terugkomt. Wij moeten absolute zekerheid hebben dat jullie weer terugkomen, daar mag geen enkele twijfel over bestaan.

Wij moeten absolute zekerheid hebben dat jullie weer terugkomen, daar mag geen enkele twijfel over bestaan

Nu zijn wij dieren niet zo goed in het tellen van de dagen of nachten, maar het is heel goed mogelijk om een goede indruk te geven van hoelang jullie weg zijn. Probeer het behapbaar te maken. Als het kort is kan dat in dagen. Als het langer is dan kun je misschien uitleggen dat het was zoals toen en toen. Is het de allereerste keer dat je weggaat zonder je huisdier doe het dan niet lang. De huisdieren moeten ook vertrouwen krijgen in de zekerheid dat jullie weer terugkomen. Doe desnoods eerst een proef logeerpartij voor het meteen een langere reis is. En leg ook uit waarom wij als huisdier niet mee kunnen komen. Wij begrijpen heel veel en als je praat met ons maak daar beelden bij want die beelden is eigenlijk wat we verstaan, niet de woorden.
M: Je geeft er meteen nog een cursus diercommunicatie bij, wat mooi.
K: Was dit duidelijk? En denk je dat het voldoende is?
M: Ik vind dat je dit heel mooi hebt gedaan, dank je wel. Wil je nog iets toevoegen?
K: Misschien willen mensen die dit lezen hierop reageren of dit ze helpt of dat ze nog meer tips hebben, want dit is een heel belangrijk punt: laat je huisdier nooit in onzekerheid over zijn positie als de mens met vakantie gaat zonder zijn huisdier.
230329

K: Mag ik nog een aanvulling geven? We zijn nu even op bezoek geweest waar ik om vroeg en dat was heel fijn. Maar ik besefte, toen ik bij je broer was, dat ik wel wat dingen mee wil hebben. Zoals mijn handdoek (bij het ontbreken van een mand) met mijn eigen lucht, mijn speelgoed dieren en andere speeltjes en meer dingen die gewoon bij mijn verzorging horen, zoals mijn eigen eten. Zorg je ervoor dat ik dat ook mee krijg? Dan denk ik dat jullie met een gerust hart weg kunnen gaan, hoewel ik het ook wel een beetje spannend vind. Daarmee is de handleiding weer een beetje verder aangevuld.
M: Dank je voor de aanvulling, ik zal er voor zorgen. Komt allemaal goed. Fijn dat je het aandurft om uit logeren te gaan.
230330

Baby E / 2

Ik heb momenteel weinig tijd voor diergesprekken, dus mijn blog van gisteren is er ook al bij in geschoten, helaas. Om jullie niet nog langer te laten wachten een gesprek dat ik enige jaren geleden met mijn kleindochter had toen ze nog net geen half jaar oud was. 

M: Dag meisje, mag ik weer met je praten?
E: Ja zeker, ik wilde al met je praten toen je enkele dagen geleden bij me was, maar daar was je niet gevoelig voor. Je was alleen maar met mijn fysieke verschijning bezig.
M: Nou dan maar weer op deze manier. Zo hebben we allebei een rustig moment om te praten.
E: Voor jou misschien wel, maar voor mij niet. Ik zit in ons nieuwe huis en jullie oude huis en ik kan niet wachten tot we er eindelijk gaan wonen. Mijn pappa en mamma zijn druk bezig om alles piekfijn in orde te maken, maar dat is weer de fysiek. Ze zouden ook aan de energetische invulling moeten werken. Het is een fijne plek, maar er moet toch veel aandacht gegeven worden aan de energie van de plek. Die is bijzonder genezend, maar moet ontsloten worden door mijn ouders, door allebei en ze kunnen het ook allebei als ze zich daar op richten. Jij hebt het gevoel dat pappa misschien niet zo spiritueel is, maar dat is hij wel. Hij doet heel nuchter en is door zijn opleiding natuurlijk wel wat gedeformeerd in westers denken, maar gelukkig heeft hij veel mee gekregen van zijn reizen naar Azië. Daarom kan hij ook sceptisch, maar toch open staan voor jouw ideeën inzake praten met dieren en nu met mij.
Ja doe maar. Ik merk dat je denkt dat je de foto die je als kenmerk van deze gesprekken hebt overweegt te vervangen door de halo foto. Doe maar, dat is een bijzondere foto.
M: Daar dacht ik inderdaad aan, grappig dat je dat meteen weet.
E: Ja zo werkt dat aan de spirituele kant van het leven. Je hoeft gedachten niet uit te spreken, ze zijn er gewoon. In jouw hoofd en in je hart als je de juiste gedachten hebt. En ook in de ether en daarmee voor iedereen die daar kan vertoeven op te pakken.
M: Sorry dat ik je moet onderbreken, je bent net zo lekker op dreef, maar ik moet broodjes gaan afbakken omdat jij en je ouders er aan komen. Tot binnenkort.
E: Wacht niet te lang.
201218

Ratten aan boord

Al meerdere keren heb ik over de ratten aan boord geschreven. We eindigden bijna twee jaar geleden met een patstelling: ik vond dat ze niet in de binnenruimte hoorden (tussen het dek en het plafond) en zij vonden dat we prima met elkaar konden leven. Er zijn zo enkele generaties aan boord geboren en getogen.

Het laatste jaar worden de ratten steeds luidruchtiger. Ze rennen over een holle balk, onzichtbaar voor ons maar duidelijk hoorbaar. Nooit lopen ze gewoon, het is altijd rennen. Waar ze eerst boven bleven, hoorde ik ze langzaam maar zeker langs de wanden naar beneden komen. Een no go area, dat heb ik ze duidelijk gemaakt. Maar ja, kennelijk is er een nieuwe generatie en hebben opa en oma niet doorgegeven waar de grenzen liggen. De laatste maanden is het zelfs zo dat ze soms in de kamer komen. Ik zie ze nooit, maar de honden horen ze en springen ’s nachts regelmatig uit bed om ze weg te jagen. Soms leg ik ergens twee nootjes neer om te testen wat er gebeurt. Met regelmaat zijn ze weg.

Het is duidelijk dat de ratten en ik niet verder komen met elkaar. Ik vraag mensen die de cursus bij ons gedaan hebben of ze mee willen kijken. Voor zij met de ratten contact gaan maken doe ik dat ook nog eens. Ik krijg door dat ze veel lol hebben, dat het een uitdaging is om beneden te komen en binnen wat te eten te zoeken. Dat er honden zijn maakt het extra leuk voor ze. Zij zijn sneller, hoor ik. Het is net een speeltuin en zolang er ingangen zijn komen ze.

De mede-diercommunicatoren ervaren allemaal ook de lol die de dieren hebben en ze zien ook dat ik niet streng genoeg ben om mijn (leef)grenzen af te bakenen. Ondanks dat ze het plezier van de ratten voelen, komen ze toch voor mij op en gaan in ernstig gesprek met de diertjes. Er wordt uitgelegd hoe het zit met de leefruimte, met elektrische kabels. De dieren leggen uit dat ze knagers zijn en blijven. Iemand spreekt ze streng toe, een ander adviseert met klem om buiten te gaan wonen. Weer een ander ziet dat ze alleen vertrekken als ik stampvoetend mijn punt ga maken, maar iedereen ziet ook de hopeloosheid daarvan in want ik heb grote waardering voor de diertjes en ik moet steeds om hun vindingrijkheid lachen. Een ander krijgt de rattentempel in India door. Ik had er nooit van gehoord, maar het is interessant om dat eens op te zoeken.

Iedereen voelt wel dat de ratten wat indammen. Mijn uiterste daad is dat ik wens dat de ratten een goede plek buiten gaan vinden (als het weer beter wordt; het is nu koud en het water staat hoog).

De volgende twee avonden zit ik op de bank en het is opvallend stil boven me. Ineens hoor ik er eentje lopen, maar het gaat zonder het uitbundige enthousiasme. Hmmm, zouden ze toch wat begrepen hebben? Het is bijna saai binnen maar ik pas goed op dat ik me niet weer hun volle aanwezigheid wens.

Zondagnacht zijn de honden erg moe. Ze zijn wat ziek geweest en slapen goed. Geen rennen en blaffen deze nacht. Maandagochtend prijs ik de rust en de ratten. Als ik de cavia eten wil geven herinner ik me dat de papegaai de avond ervoor een deel van een mandarijn heeft laten vallen. Die ben ik vergeten op te rapen dus die kan mooi naar de cavia. Ik wil de mandarijn pakken maar zie niks meer. Ik weet zeker dat de honden geen mandarijnen met schil eten. Ik zie ook nergens schilletjes liggen. Hoe hebben ze dit nu weer voor elkaar gekregen?

PS 1. Twee jaar geleden kwam ik op een nacht buiten en zag twee ratjes zitten, precies zoals op deze foto. Genietend van de rustige nacht. Je gunt iedereen toch het leven?

PS 2. Ik sprak iemand van de bestrijdingsdienst en legde de situatie aan boord uit. ‘Hopeloos,’ zei hij, ‘wij zouden er niet aan beginnen. Gegarandeerd geen succes.’

Libelle wil aangesproken worden

Er is een libelle die zich steeds laat zien, hij wil duidelijk aangesproken worden en dat doe ik dus.
De libelle praat niet met me, maar laat me zien hoe je moet vliegen met haar soort vleugels. Ik krijg de vleugels op mijn lijf en kom niet omhoog. Ze laat me zien dat ik de verkeerde houding heb. Ik moet niet staan, maar liggen en dan de vleugels ‘omvoelen’. En ik mag voelen hoe het is om als een libelle door het landschap te vliegen. Vooral het stilstaan in de lucht is mooi, maar ook moeilijk om te doen en ik voel pijn aan mijn schouderbladen van de tegengesteld draaiende vleugels om stil te kunnen blijven staan in de lucht. De sessie eindigt met dit gevoel. Kan dat werken? Tegengesteld draaiende vleugels?
Ik zoek het op internet op:
Bij libellen zijn de vleugels niet met elkaar verbonden, zoals bij veel andere insecten. Hierdoor kunnen de vier vleugels los van elkaar worden aangestuurd en kan de libel opmerkelijke kunsten uithalen, zoals stilstaan in de lucht, verticaal opstijgen en zelfs achteruit vliegen. De vleugelslag is met twintig tot veertig slagen per seconde veel langzamer dan bij andere, kleinere insecten. (Sommige muskieten kunnen wel duizend slagen per seconde bereiken.) Door de lage frequentie is de vleugelslag voor mensen niet hoorbaar. Libellen kunnen een snelheid van wel vijftig km per uur halen, wat hen tot de snelst vliegende insecten maakt. De vleugels hebben een netwerk van aderen waarvan de structuur bij de taxonomische indeling van libellen een belangrijke rol speelt. De voorrand van de vleugels is geknikt en fungeert als een soort spoiler. Dit zorgt dat lucht loskomt van het vleugeloppervlak, waardoor lift ontstaat. Aan de voorrand van de vleugels bevindt zich dicht bij de vleugeltop ook een gekleurde vlek, het pterstigma. Deze vleugelvlek helpt de libel mogelijk bij fijnere bijstellingen van de vlucht.
Echt antwoord kan ik niet vinden, helaas.

190831