Kunnen we dieren als spirituele leraren zien?
In mijn vele diergesprekken heb ik af en toe het gevoel met een spirituele leraar te maken te hebben. Neem als voorbeeld Hyronimus. Die beschouw ik echt als mijn spiritueel leraar, zo voelt het ook in de vele gesprekken. Ook bij andere dieren komt dat soms boven. Mijn hond Kaila kan heel wijs uit de hoek komen, maar dan doet ze weer iets heel stouts en dan zegt ze ‘Ik ben wel een hond hoor! En dan sta ik weer met twee benen op de grond.
Maar kunnen wij dieren als spirituele leraren zien? Dieren zijn als stille voorbeelden van levenswijsheid. Dieren geven geen preken en schrijven geen boeken, maar laten door hun manier van leven eigenschappen zien waar mensen vaak moeite mee hebben: aanwezigheid, evenwicht, grenzen, instinct en verbondenheid. Ze zijn geen instructeurs, maar voorbeelden. Voorbeelden zijn vaak wel leraren daardoor.
Dieren leven in overeenstemming met hun aard
Een belangrijke les van dieren is dat zij in overeenstemming met hun aard leven. Ze piekeren niet eindeloos over het verleden en maken zich niet voortdurend zorgen over de toekomst. Mensen daarentegen analyseren veel, twijfelen aan zichzelf en negeren geregeld hun eigen behoeften. Daardoor vinden mensen het moeilijk om zonder schuldgevoel te rusten, nee te zeggen of volledig aanwezig te zijn. Juist daarin kunnen dieren ons iets leren.
Verschillende dieren vertegenwoordigen mogelijk specifieke levenslessen. Enkele voorbeelden:
- Honden zijn meesters in aanwezigheid. Wanneer zij iemand begroeten, richten zij hun volledige aandacht op die persoon. Ze blijven niet hangen in oude conflicten en tonen daarmee dat volledige aandacht een krachtige vorm van liefde is.
- Katten leren ons grenzen te stellen. Zij zoeken niet voortdurend goedkeuring, rusten wanneer ze dat nodig hebben en vertrekken wanneer iets hen niet bevalt. Daarmee tonen zij zelfrespect en het belang van een duidelijk ‘nee’.
- Wolven tonen het belang van samenwerking. Hun groepen functioneren niet alleen op basis van dominantie, maar ook door wisselende rollen, gedeelde verantwoordelijkheid en gezamenlijke kracht.
- Olifanten laten emotionele intelligentie en verbondenheid zien. Zij rouwen om overleden soortgenoten, bezoeken de resten van vroegere metgezellen en leven in hechte familiegroepen. Hun gedrag maakt duidelijk dat verdriet en herinnering geen zwakheden zijn, maar uitingen van liefde en verbondenheid.
- Schildpadden vormen ten slotte een tegenwicht tegen de moderne obsessie met snelheid. Hun trage, standvastige manier van leven laat zien dat langzaam niet hetzelfde is als stilstand. Een rustig tempo kan juist duurzaam en doelgericht zijn.
- Vogels, maar ook vissen en zeezoogdieren, leren ons vertrouwen. Zij leggen soms enorme afstanden af zonder kaarten, geleid door instinct en natuurlijke signalen. Ze vertrekken wanneer het moment daarvoor is, ook wanneer niet alles zeker is.
Projecteren wij niet menselijke eigenschappen op dieren?
Je kunt je wel afvragen of wij mensen niet simpelweg menselijke betekenis op dieren projecteren. Wetenschappelijke inzichten ondersteunen echter het idee dat dieren werkelijk bewustzijn bezitten. De Cambridge Declaration on Consciousness uit 2012 stelde dat veel zoogdieren, vogels en zelfs octopussen neurologische structuren hebben die bewustzijn mogelijk maken. Dieren kunnen pijn, angst, vreugde en gehechtheid ervaren. Veel recent wetenschappelijk onderzoek tonen deze eigenschappen bij steeds meer dieren aan. Dat herkennen we ook uit de gesprekken die we met dieren voeren. Sommige soorten herkennen zichzelf in een spiegel, gebruiken gereedschap, plannen vooruit of tonen empathie. Hun intelligentie verschilt van die van mensen, maar is daarom niet minder werkelijk.
Dieren veroordelen niet
Wat ik ook een hele mooie conclusie vind uit diergesprekken. Dieren veroordelen niet. Wat wij mensen ze ook aan doen, ze tonen begrip en veroordelen ons er niet om. Tegendeel, we krijgen medeleven inzake ons zo beperkte inzicht, waardoor we doen wat we doen en niet zouden moeten doen. Denk aan de intensieve veeteelt en visserij.
Het idee dat dieren bronnen van wijsheid zijn, komt bovendien in veel culturen voor. Inheemse tradities beschouwen dieren vaak als leraren en gelijken, niet alleen als middelen voor menselijk gebruik. In het boeddhisme bijvoorbeeld worden dieren gezien als voelende wezens die kunnen lijden en daarom mededogen verdienen. Afrikaanse verhalen, spreekwoorden en totems verbinden dieren met eigenschappen als moed, wijsheid en slimheid. Ondanks culturele verschillen keren vergelijkbare inzichten steeds terug.
Sommige mensen vinden dieren vooral instinctief handelen of menen dat mensen hun eigen gevoelens op dieren projecteren. Toch kunnen de lessen die mensen uit dieren kunnen trekken betekenisvol zijn, zelfs wanneer ze deels interpretatief zouden zijn. Uiteindelijk proberen dieren ons niets te leren: zij leven eenvoudigweg. Precies daarin ligt misschien hun belangrijkste boodschap. Ze herinneren ons eraan aanwezig te zijn, te rusten zonder schuldgevoel en onze waarde niet voortdurend in twijfel te trekken. Wie dieren als medewezens met een eigen vorm van kennis ziet, zal waarschijnlijk ook respectvoller met de natuur omgaan.
Daarnaast blijven er voor mij ook spirituele wezens bestaan die in de vorm van een dier, een engel of een goeroe je wel degelijk als spirituele leraren mag beschouwen.
De grootsheid van een natie en haar morele vooruitgang kunnen worden beoordeeld aan de hand van de manier waarop haar dieren worden behandeld. Mahatma Gandhi
260915

