Hoe wij met dieren en de aarde omgaan kan allang niet meer door de beugel. We hebben het evenwicht behoorlijk verstoord. Wat vinden dieren er zelf van?

Daarvoor ben ik niet in het ei gelegd

Vandaag loop ik met mijn hond in het bos te wandelen en denk ik aan de geruimde kippen vanwege de vogelgriep en ik krijg spontaan een gesprek met een kip. Het werd een heel boeiend gesprek en dat wil ik jullie niet onthouden.

M: Hebben jullie er geen problemen mee dat alle kippen nabij een besmetting met vogelgriep gedood moeten worden?
K: Jazeker, daar hebben we veel problemen mee. Maar ik wil eerst iets anders vertellen en kom er straks weer op terug. Jullie mensen danken dat wij als kippen er erg veel moeite hebben dat we met veel op een beperkte ruimte worden gehouden. En dat is natuurlijk ook wel zo, maar er zijn al best veel verbeteringen aangebracht, sinds we fabrieksdieren werden. Natuurlijk zouden we het liefst allemaal op het erf willen rondscharrelen en daar onze dagen doorbrengen, maar zo zit dat tegenwoordig niet meer in elkaar. Ik zou zeggen daarvoor ben ik niet in het ei gelegd. Nee, we weten dat we zodra we in het ei zitten een fabriekskip zijn en dat we levende productiemachines zijn geworden. De productie van eieren is belangrijk en dat moet doorgaan. Dus we hebben een beperkte houdbaarheid en moeten veel doorstaan. Dat zijn allemaal zaken die we weten en waar we voor kiezen als we in het ei kruipen.
M: Dat is een heel erg mild oordeel over de mensen die jullie als productiemiddel gebruiken. Ik voel dat ik daar zelf meer moeite mee heb, dan ik jou hoor zeggen. Hoe kan dat?
K: Dat komt omdat we weten wat ons te wachten staat. En nu terug naar de vogelgriep. Ook als we besmet zouden raken is dat bekend terrein voor ons, je gaat dood. Maar waar we niet op voorbereid zijn is de wrede ruiming zoals jullie dat noemen, als er ergens in de buurt vogelgriep is geconstateerd. Dan gaan de mensen als wilde beesten te keer om ons uit te roeien, een soort genocide, en dat hebben we niet verdiend! Zo, dat is duidelijk. Meer heb ik er ook niet over te zeggen.
M: Dan kan ik je alleen maar bedanken voor alles wat je wel tegen me gezegd hebt. Heel erg dank.

221123

Loopbrug door de dierentuin

Twaalf jaar geleden maakte ik regelmatig contact met dierentuindieren. Ik wilde graag weten hoe zij hun leven ervaren. De jakhals uit deze dierentuin nam me mee in zijn dagelijks leven. Ik werd er toen wat droevig van en nu ook weer, nu ik het verhaal weer boven haal. Ik vond zijn oplossingen voor zijn benauwde leven wel een goed idee :).

 

Nadat ik contact heb gemaakt met de jakhals en gezegd heb wat mijn bedoeling is, hoor ik: ‘Kom dan maar in mijn hok.’ Meteen overvalt me een benauwdheid. Het is duidelijk dat hij veel te weinig geuren en veel te weinig prikkels krijgt. Hij neemt informatie op met zijn neus maar hij kan de informatie van mensen die naar hem kijken niet opnemen door de glaswand.
‘Ik had graag vlagen lucht willen opnemen,’ vertelt hij. Het geen bereik hebben is niet prettig, voel ik. Als oplossing laat hij gaten of gleuven in het glas zien zodat hij toch de diverse geuren kan opvangen.
Hij geeft door dat hij afgestompt rondloopt. Het lijkt of hij aangedreven wordt door iets achter hem, hij moet maar blijven lopen, lopen, lopen. Als hij stil zou liggen zou er een te grote energieophoping zijn.
Er wordt op dit moment veel te weinig appel gedaan op zijn zintuigen. Hij leeft nu op de automatische piloot. De jakhals vertelt dat hij graag lange afstanden zou willen lopen. En ook hiervoor laat hij een oplossing zien: een route door de lucht. Ik krijg het beeld van een loopbrug van natuurlijk materiaal door de hele dierentuin. Daar wil hij dan ook graag prooidieren in hebben zodat hij zelf zijn voedsel kan zoeken. Want dieren vangen hoort bij zijn wezen. Dat vergt veel kwaliteiten die hij bezit maar nu niet kan gebruiken.

Dieren hebben ook last van klimaatverandering

In de krant van 7 november lees ik het volgende: Meer dan duizend wilde dieren zijn overleden door de langdurige droogte in Kenia, zegt het ministerie van Toerisme en Wilde Dieren in dat land. Het gaat om 512 gnoes, 430 zebra’s, 205 olifanten en 51 buffels. De klimaatproblematiek slaat ook bij de wilde dieren in Afrika toe. Tijd om eens contact op te nemen. Ik heb contact met een jonge olifant die onlangs overleden is en ongeveer twee jaar oud was.

M: Beste Olifant wat fijn dat je me te woord wilt staan en dat we kunnen praten over jouw leven. Kun je me vertellen hoe jouw leven is geweest?
O: Dat kan ik en wil ik graag. De wereld moet begrijpen wat er gaande is, het klimaat is echt aan het veranderen en dat heeft gevolgen voor iedereen op de wereld, niet alleen de mensen, maar ook de dieren en planten en zeeën en de grond en de rivieren, enz.
M: Hoe zit dat dan met elkaar in verband?
O: Door de opwarming van de Aarde hangt het allemaal samen. Die opwarming wordt veroorzaakt doordat er te veel heel lang geleden vastgelegde koolstof die diep in de grond was opgeslagen, nu de laatste twee eeuwen is vrijgekomen. Die koolstof zit in de dampkring die om de Aarde heen zit waardoor de deken, die dampkring, de zonnewarmte wel kan doorlaten, maar als ze eenmaal binnen is niet meer volledig kan terugkaatsen. Er blijft veel warmte binnen de deken hangen. Dat noemen jullie het broeikaseffect. Alsof je in een kas zit, de zonnewarmte komt wel binnen, maar kan er niet meer zo gemakkelijk uit, dus wordt het steeds warmer in de kas.

Er blijft veel warmte binnen de deken hangen. Dat noemen jullie het broeikaseffect

M: Dit gesprek loopt heel anders dan ik me had voorgesteld. Ik had verwacht dat je wat over je korte leven zou vertellen en daarna over de droogte in jouw geboortestreek.
O: Dat komt nog. Maar ik wil eerst duidelijk maken dat jullie mensen veranderingen in de wereld hebben veroorzaakt die jullie niet meer in de hand hebben en dat nu wij dieren daar het slachtoffer van zijn, maar jullie zelf ook. Helaas is dat besef nauwelijks aanwezig bij de mensen. Daarom probeer ik dit te vertellen omdat wij begrijpen hoe veel van dit alles in elkaar steekt. En door deze opwarming veranderen de weerstromen, dat leg ik verkeerd uit. Doordat het warmer wordt kan de lucht meer water opnemen en dat opgenomen water komt in alle hevigheid ineens naar beneden. Maar niet meer volgens de patronen die we vroeger hadden van regen seizoen en droog seizoen. Op sommige plaatsen kan het zo hevig regenen dat alles overstroomt. Op andere plaatsen valt de regen niet meer of nog maar heel weinig. In het land waar ik leefde viel dus geen regen meer. En dan is het heel moeilijk om te overleven. Rivieren drogen op, meren worden kleiner en kleiner en drogen eveneens op. Er blijft geen water meer over. Zonder water geen planten en zonder planten en water is er geen leven meer mogelijk. Dan sterven de kwetsbaren als eerste. Helaas hoorde ik daarbij. Ik ben gewoon te laat geboren, waardoor ik in deze situatie terecht ben gekomen. Aan de andere kant ook de oudere dieren zullen sterven als er geen regen meer komt. Het gebied waar ik woonde wordt langzaam een woestijn en dat is nauwelijks tegen te houden zonder water. Het wonderlijke van deze ontwikkeling is dat er wel veranderingen mogelijk zijn die jullie kunnen doorvoeren. Als jullie een gebied weer groen maken met grassen, struiken en bomen, dan koelt dat een gebied weer af en kan er weer gemakkelijker regen vallen. Zo versterken de verschillende processen elkaar steeds. Nu is de versterking richting woestijn.

Zonder water geen planten en zonder planten en water is er geen leven meer mogelijk. Dan sterven de kwetsbaren als eerste. Helaas hoorde ik daarbij

M: Oei, ik had niet verwacht een terechtwijzing te krijgen over ons klimaatbeleid, maar je hebt waarschijnlijk volkomen gelijk, hoewel ik nog niet alles kan onderschrijven wat je gezegd hebt. Maar ik begrijp uit je verhaal dat je een hele wijze olifant bent.
O: Ik was nog een kind toen ik overleed, maar nu ik weer terug ben in de groep niet fysiek levende olifanten, kan ik beschikken over de wijsheid van de groep. En die is eeuwen oud, want zolang leven wij olifanten al in dit grote gebied.
M: Fascinerend. Dank je wel voor dit gesprek. Wil jij nog wat toevoegen of zeggen?
O: Ja, verspreid deze teksten zo groot mogelijk, de mensen moeten dit weten. Het is geen verwijt, het zijn feiten over samenhangen, maar de mensen moeten dit weten om dingen te veranderen. Dank je wel.

Ik twijfelde heel erg over dit verhaal. Dit is te wetenschappelijk voor een dier om zo te vertellen was mijn gevoel. Ik heb het stuk dus niet gepubliceerd. Wat doe ik bij twijfel? Ik vraag mijn vrouw, zij meent Olifanten zijn wel erg intelligente dieren. Ik twijfel nog en vraag Hyronimus, mijn begeleider. Hyronimus zegt: Eddy wat twijfel je nu toch. Ik heb je al vaker gezegd dat je niet moet twijfelen. En natuurlijk wordt je ontvangst gekleurd door jou persoonlijkheid, dat kan niet anders. Maar door het veel te doen, kun je een steeds betere ontvanger worden. En in dit geval als dit is wat de Olifant jou wilde vertellen, moet je dit gewoon publiceren als het verhaal van de Olifant. Hij wilde dit kwijt aan de mensheid. En het is een belangrijke boodschap. Punt!

221109/221110

Mens-diercombinaties

“Met het reguleren van mens-diercombinaties is de wet weer in lijn met nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen.”

Hmmm, binnenkort schijnt er een grootse aanpassing in de Embryowet te komen. Die nieuwe wet geeft wetenschappers en onderzoekers meer ruimte om embryo’s te gebruiken voor studies en experimenten. Ik moet denken aan een filmpje wat ik eens zag van een pasgeboren baby met een tijgervachtje en oren. Waar gaat dit allemaal naar toe?

Mijn ervaring met dieren is dat ze het heerlijk vinden om zichzelf te zijn, in hun eigen lichaam, met hun eigen mogelijkheden en interesses. Ik heb zelf wel eens interesse gehad in hoe het is om een dierenlichaam te hebben en via mijn manier van communiceren mocht ik soms meevoelen hoe zij hun lichaam ervoeren. Zo vloog ik mee op de wind met de ooievaar, ervoer ik hoe het is om zonder poten als slang te glijden, voelde ik de sensatie van de jacht en de honger van de beer.

Maar eind van het liedje is dat we onszelf weer zijn, ons eigen lijf weer behuizen en onze eigen eigenschappen behouden. Een ervaring rijker, dat wel.

Wat ik van de communicatie met dieren weet is er geen belangstelling om een combi te worden. Tuurlijk, er kan interesse zijn naar elkaar. Maar eigenschappen gaan combineren en een nieuw soort creëren? Het is mij via de dieren nog niet ter ore gekomen. Misschien moet ik onderzoek gaan doen maar voor nu is het voor mij een groot rood kruis.

“Praat niet over mijn dood, maar over het leven.”

“Jullie denken zo beperkt. Voor jullie moet het leven lang zijn in jaren, dat vinden jullie normaal, maar kort leven is ook goed.”

Ja, ja, Bella… Bella met wie ik 27 juli nog leuk aan de babbel was en die daarna aftakelde zonder dat ik het doorhad. Ik heb wel dingen opgemerkt maar ze niet goed geïnterpreteerd. Ze kwam minder vaak thuis rond de maaltijden; ik beschouwde het als nog even goed genieten van de nazomer. Ze at niet alles op; ik ging ervan uit dat ze buiten genoeg at. Ze werd dunner; dat waren al onze buitenkatten in de zomer, ’s winters trok het altijd weer bij. ’s Nachts was ze nog zelden binnen maar dat was al maanden zo; ik kon me zo voorstellen dat de nachten er voor de dieren zijn. Bella plaste en poepte buiten; de kattenbak stond sinds haar komst nutteloos gevuld met grit achter een gordijn dus ik had geen zicht op haar ontlasting en urine.

Ineens vond ik haar ergens langs de IJssel, helemaal slap. Ik ben nog naar de dierenarts gegaan met haar maar het was te laat om nog iets aan haar op te lappen. Op advies van de dierenarts heeft ze een spuitje gekregen. Ik vermoed dat als ik daar niet heen was gegaan, ze binnen een paar uur zelf overleden was. “Ik was al bezig me los te koppelen,” zei ze.

Ik probeerde te communiceren met haar na haar overlijden maar ze liet weten dat dat niet kon als ik me schuldig voelde. Dus eerst moest ik daar zelf van los komen (ga er maar aan staan!). Op een later moment liet ze weten dat de laatste maand fysiek wel zwaar geweest was. Maar ze was geen katje om een medisch circuit in te gaan dus ging ze ermee om zoals ze ermee omgegaan is. Toen ik toch nog een stukje schuldgevoel liet zien, hoorde ik: “Alsjeblieft, zeg!!” en ze zou afhaken als ik mezelf niet herpakte.

Bella zwermt niet meer rondom mij, ze is ergens waar ze lekker luchtig verkennend op avontuur is, precies zoals ze in het fysieke leven gedaan heeft. “Wat kan ik hier van leren?” vroeg ik haar. “Geniet van het moment, van wat er is. En praat niet over mijn dood, maar over het leven.”

Damherten lopen door Velzen

M: Dag herten, kan ik met iemand van jullie spreken over jullie leven en jullie gewoontes?
H: Ja, dat kan, ik ben beschikbaar voor een gesprek. Ik hoop dat het niet al te ernstig wordt, want we willen wel graag vrolijk blijven.
M: Dank je wel dat je met me wilt praten. Ik ben benieuwd naar hoe jullie momenteel leven. Hebben jullie last van de droogte of van andere beperkingen en zijn jullie gelukkig.
H: Nou niet zoveel vragen tegelijk. Om op je laatste vraag terug te komen, geluk is voor ons niet iets waar we naar streven. We zijn meer op weg naar een tevreden leven, waarbij je moet denken aan dat we ons gangetje kunnen gaan, we te eten en te drinken hebben en we niet teveel worden lastig gevallen.

Geluk is voor ons niet iets waar we naar streven, we zijn meer op weg naar een tevreden leven

M: Als je het over ‘we’ hebt, wie bedoel je dan?
H: We leven in een vrij grote kolonie, die weer uit verschillende groepen bestaat. De kolonie woont in de duinen en omgeving. De groepen lopen daar min of meer vrij rond, hoewel er op allerlei plaatsen hekken staan. Soms is een hek een belemmering voor ons en moeten we langs de hekken lopen om ergens anders naar toe te gaan, maar soms ook kunnen we er overheen of erdoor heen gaan. Dan geeft dat wat meer bewegingsvrijheid, want wij herten houden wel van een beetje lopen. Het is natuurlijk aangenaam als je gemakkelijk aan voedsel kunt komen en dat kunnen we vaak, maar niet altijd. Momenteel hebben we vooral last van de droogte, doordat het zo droog is, is een deel van ons voedsel niet of onvoldoende beschikbaar. Dat betekent dat we wat verder moeten lopen om aan voedsel te komen.
M: Kan het dan gebeuren dat jullie uit de duinen komen en zelfs in woonwijken waar mensen wonen naar voedsel gaan zoeken?
H: Ja dat kan heel goed. We kennen verschillende plekken waar we zo vanuit de duinen naar de mensen kunnen lopen en dan doen we dat als het wat lastiger wordt om aan voedsel te komen.

We kennen verschillende plekken waar we zo vanuit de duinen naar de mensen kunnen lopen en dan doen we dat als het wat lastiger wordt om aan voedsel te komen

M: Denk je dat er onvoldoende voedsel voor jullie is dat je daarom naar de mensen toegaat?
H: Wat noem je onvoldoende voedsel? Dat is altijd locatie gebonden. Is er op de ene plek minder, dan gaan we naar een andere plek en dat kan betekenen dat we ook dichter bij de mensen komen. En daar is voldoende voedsel momenteel, dus nee, ik denk niet dat we voedsel te kort hebben.
M: Maar als jullie in de duinen zouden blijven en niet naar de mensen toe komen, zou je dan nog voldoende voedsel hebben?
H: Ik begrijp je vraag niet. We kunnen toch naar de mensen komen en hebben dan toch voldoende voedsel, wat wil je me laten weten?
M: Het is zo dat de mensen die er wonen en jullie door hun wijk zien lopen, dat niet willen. Ze zien enkele problemen. Een probleem is dat het gevaarlijk is als jullie zomaar over straat lopen terwijl daar ook verkeer rijdt en soms best wel hard en dat kan tot botsingen leiden.
H: Tja dan moeten die auto’s beter uitkijken, wij lopen daar soms om ons te verplaatsen van de ene kant naar de andere plek.
M: Maar mensen vinden dat een probleem en ze willen niet dat jullie door de straten lopen en ze willen ook niet dat jullie van hun tuinen en parken eten.
H: Wij zien dat niet als een probleem.
M: Daar ligt het probleem juist. Jullie vinden het gewoon om door de straten te lopen en daar te eten en de mensen willen jullie daar niet hebben. Ze zeggen dat jullie dingen vernielen en dat jullie een gevaar vormen voor het verkeer.
H: Nogmaals wij zien dat niet als een probleem.
M: Laat mij het dan omdraaien. De mensen zien jullie als een probleem als jullie dit gedrag blijven vertonen, ze willen jullie niet in de straten hebben en willen ook niet dat jullie uit de tuinen en parken eten. En omdat ze dat niet willen, gaan ze denken aan manieren om jullie daar van te weerhouden.
H: Hoe dan? Dit is toch een wereld waarin we rond kunnen lopen?
M: Daar vergis je je in. De mensen bepalen in welk gebied jullie mogen leven en als jullie je daar niet aan houden dan denken ze dat jullie met te veel zijn in het gebeid waarin jullie leven. En als jullie met te veel zijn dan schieten ze een deel van jullie dood tot jullie met veel minder zijn en wel binnen het gebied kunnen blijven.
H: Maar ook als we met minder zijn, dan kunnen we toch nog steeds door de straten lopen?
M: Maar de mensen denken dat daar geen noodzaak meer voor is omdat jullie dan in jullie aangewezen gebied genoeg te eten kunnen vinden.
H: Daar heb je wel een punt, als we met veel minder zijn, hebben we minder behoefte om uit de duinen te komen.
M: Ik wil het graag met je hebben over een manier om met minder herten te zijn. Daar zijn verschillende manieren voor volgens de mensen. Ze kunnen jullie voedsel geven waardoor de vrouwtjes geen kleintjes meer kunnen krijgen, dan worden het er vanzelf op den duur minder herten. Of ze kunnen jullie doodschieten dan worden het er sneller minder. Hoe kijk jij daar tegen aan?
H: Ik heb daar nog niet zo bij stil gestaan. Het lijken me allebei hele wrede methoden. Waarom laten jullie het niet gewoon aan ons over. Als ons gebied beperkt is en we kunnen er niet uit, dan weten we als we met te veel zijn en dan worden er minder kleintjes geboren, daardoor neemt de kolonie vanzelf af. Een andere methode is om een natuurlijke vijand hier te hebben, zoals een leeuw, een tijger of een wolf. Die jagen op ons op een natuurlijke manier en we hebben kansen om te ontsnappen, het is een meer eerlijke strijd. En we zullen oplettender worden, waardoor de jagers dieren het moeilijker zullen gaan krijgen.

Als ons gebied beperkt is en we kunnen er niet uit, dan weten we als we met te veel zijn en dan worden er minder kleintjes geboren

M: Maar we hebben hier niet van die natuurlijke jagers, dan zouden we een wolf moeten uitzetten en veel mensen vinden een wolf wel heel erg eng vanwege alle verhalen over wolven in sprookjes. Wat is voor jullie het verschil tussen gedood worden door een roofdier of door een kogel van de mens?
H: Dat is nogal duidelijk. Als je door een dier bejaagd wordt heb je een eerlijke kans om te ontsnappen en als je toch gepakt wordt dan weet je dat je dood gaat, maar je hebt kunnen strijden en je hebt verloren. Je kunt het accepteren en dan ga je tevreden dood. Als je beschoten wordt door een kogel, ben je ineens dood. Zonder voorbereiding, gewoon bam dood. Dat is de verkeerde manier om dood te gaan, je kunt niet tevreden dood gaan, want daar is geen tijd voor, het is geen eerlijk spel.
M: Dus eigenlijk zeg je dat als jullie beperkingen moeten krijgen dat jullie het liefst een roofdier hebben die op jullie jaagt, zoals een wolf. Ik zal dat zo doorgeven.

Als je beschoten wordt door een kogel, ben je ineens dood. Zonder voorbereiding, gewoon bam dood. Dat is de verkeerde manier om dood te gaan, je kunt niet tevreden dood gaan

Wil je nog iets zeggen?
H: Ja, ik begrijp maar niet waarom wij niet gewoon door de mensenwereld mogen lopen, jullie vinden ons allemaal zo mooi om te zien en dan kun je genieten en dan ben je alleen maar bang voor je bezittingen? Zielig hoor.

Waarom mogen wij niet gewoon door de mensenwereld lopen, jullie vinden ons allemaal zo mooi om te zien en dan kun je genieten en dan ben je alleen maar bang voor je bezittingen? Zielig hoor

M: Nou dat was een stevige draai om onze oren, dat hebben we verdiend. Dank je wel voor dit gesprek.

220829

Uitleg rond overlijden

Een van mijn werkzaamheden als dierentolk is uitleggen. Menselijke dingen uitleggen aan dieren maar ook dierlijke dingen uitleggen aan mensen. Een misverstand kan in een klein hoekje zitten dus mijn uitleg is vaak welkom.

Wat wel eens verrassend is, is dat ik soms ook het overlijden moet uitleggen aan dieren. De meeste dieren, zeker de vrije dieren, zijn hier heel bekend mee en het is voor hen een ‘in en uit gaan’. Maar er zijn dieren die een soort drempelvrees lijken te hebben: wat gaat er gebeuren? Het leuke aan dieren is dat alles heel simpel is uit te leggen. Niet teveel tekst, neutrale gevoelens, eenvoudige beelden. Een beetje zoals je aan kinderen ook dingen uitlegt, heel basic. Al die extra woorden, bijzinnen en ingewikkelde termen is iets wat we ons als volwassenen kennelijk hebben aangeleerd. Heerlijk dat dat bij dieren dus niet hoeft.

Zo legde ik een hond die erg aan het leven gehecht was uit dat hij mocht gaan en we keken samen zeer geïnteresseerd naar wat er dan zou gebeuren: hij zou uit zijn lichaam gaan en achter zijn mens meekijken naar hoe zij met het verlaten lichaam zou omgaan. Ik liet hem zien dat ze verdrietig zou zijn en veel aandacht zou hebben voor het lichaam.

Dit verbaasde hem een beetje: “Maar ik ben toch hier?” en hij liet zichzelf achter de vrouw zien.

“Ja, dat is zo, maar dat is het onzichtbare deel van je. We zijn als mensen erg gewend om alleen te kijken naar de bezielde lichamen. Als een ziel uit het lichaam is zien we het niet meer. Als we mazzel hebben en er open voor staan kan het wel zijn dat we momenten hebben dat we iets voelen of anderszins waarnemen. Maar dat is lastig voor ons.”

Ik liet de hond ook zien dat hij alle tijd mocht gaan nemen om nog rond de vrouw te blijven. Er komt vanzelf een moment dat het tijd is om verder te gaan. En wat is tijd daar? Ik kan niet alles uitleggen… maar wat ik meekrijg en mag zien kan ik doorgeven. En als het anders blijkt te zijn, dan hoop ik dat ik daar voor open sta en mijn beeld kan bijstellen.

Vakantie en dieren

Zoals velen weten vind ik: mensen zijn mensen en dieren zijn dieren.

Toch zijn er ook veel overeenkomsten. En binnen die overeenkomsten weer verscheidenheid. Dat is ook de reden dat je mij niet snel hoort generaliseren als het over (gedrag van) dieren gaat.

Vakantie is een breek in de dagelijkse gang van zaken. Ik denk dat iedereen het daar wel over eens is. Maar hoe die vakantie beleefd wordt, is weer heel verschillend, zowel voor mens als dier.

Ik heb de afgelopen jaren heel wat gesprekken met dieren gehad over vakantie en dan hoofdzakelijk met dieren die niet mee kunnen.

Als er iemand in huis komt leg ik ze dat uit: het gaat iets anders dan anders, maar er wordt voor jullie gezorgd.

Als er iemand alleen komt voeren, leg ik uit dat het wat stil wordt aankomende weken, maar dat er voor hen gezorgd wordt en dat de mensen weer terug komen over twee of drie weken.

Het kan zijn dat dieren naar een pension gaan en ook dat probeer ik zo goed mogelijk in beeld uit te leggen.

Van veel dieren hoeft vakantie niet zo nodig. Het verstoort het ritme, de vertrouwde gang van zaken is doorbroken.

Sommige dieren willen uitleg over de zin van vakanties en ik zeg dan dat de mensen het soms nodig hebben om er even uit te zijn en dat de dieren niet mee kunnen. Ik leg uit dat het niet aan hen ligt, maar dat ze gewoon niet mee kunnen. En ik laat de dieren zien dat de vakantie mensen goed doet.

Ik vertel dieren ook altijd dat ze zelf de vakantietijd ook kunnen benutten: even iets anders, andere mensen, andere regels, andere omgang.

Vaak gaat de overbrugging tot de mensen terug zijn goed.

Maar er zijn toch ook echt dieren die het ‘niet trekken’. Iedereen kent wel de verhalen van honden die amper tot niet eten en katten die zich niet laten zien. In dat soort noodsituaties is het altijd handig om (alsnog) een dierentolk in te schakelen. Die kan uitleggen wat er aan de hand is en zeggen dat de mensen echt terugkomen.

Om toch contact te houden tijdens de vakantie adviseer ik vaak om met regelmaat even bewust aan je dier te denken. En dat moet dan op een positieve manier, in het volle vertrouwen dat het goed gaat met het dier en dat je zelf ook blij bent op het vakantieadres. Dus geen zorgen gaan delen met je dier, daar heeft het niks aan.

Zelf heb ik ook moeten leren door ervaring. Jaren geleden was ik in Zweden toen mijn dochter belde dat het niet goed ging met onze ara. Toen ik contact met hem maakte, liet hij weten dat hij niet wist waar ik was. In beeld liet ik hem de omgeving zien en wat ik zoal deed. Dat stelde hem gerust en voor mijn gevoel liep hij een tijdje mee op mijn schouder.

Enne … niet vergeten te vertellen aan het dier dat je weer terug komt …

Hyronimus 17: Hoe sta jij tegenover de vleesetende mens?

M: Dag Hyronimus, ik heb vandaag weer een hele andere vraag. Hoe denk jij over de vraag of we als mens vlees mogen eten of dat zoiets als levend wezen onacceptabel is tegenover andere levende wezens die daarvan het slachtoffer worden.
H: Laat ik heel duidelijk zijn. De wijze waarop jullie in jullie westerse maatschappij dieren tot vleesfabrieken hebben gemaakt is buiten iedere proportie. Dierenwelzijn is hier niet op van toepassing, het is walgelijk.
M: Zo daar ben je wel heel duidelijk in in je afwijzing van het huidige systeem.

Vlees eten is niet per definitie verwerpelijk

H: Laat daar geen twijfel over bestaan. Maar er is ook een andere kant. Vlees eten is niet per definitie verwerpelijk. In de natuur zijn er vele diersoorten die aangewezen zijn op prooidieren om aan hun eten te komen. Dat wijs ik ook niet af, ook mijn soort hoort daarbij. Maar er zit een groot verschil tussen een prooidier dat gevangen wordt door een jaagdier en de wijze waarop de mens zijn prooidieren willoos heeft opgeborgen in fabrieken waar ze de dieren gebruiken om vlees te produceren. De dieren zijn een soort machine geworden. Dat wijs ik volledig af. Maar dieren kunnen zich vrijwillig opofferen en dat doen ze graag en dat beschouwen ze zelf ook als iets dat ze graag willen doen. Maar dat is echt een hele andere insteek dan ze dwingen tot een leven in afschuw in een vleesfabriek.
M: Jij hebt dus geen principieel bezwaar tegen het eten van vlees door mensen, maar je vindt de wijze waarop vlees geproduceerd wordt niet acceptabel.
H: Je slaat de spijker op zijn kop. Ik gebruik die uitdrukking niet voor niets, want zo doden jullie voor een deel de dieren door ze een spijker door hun kop te slaan. Maar als iedereen zijn eigen dieren gaat jagen loopt het ook niet goed af. Dus daar zal een weg in gevonden moeten worden. Toch lijkt het me voor het gevoel van het dier zowel als voor de mens het van belang dat ze bij elkaar betrokken zijn. Je kunt je niet opofferen voor een onbekend persoon.

Toch lijkt het me voor het gevoel van het dier zowel als voor de mens het van belang dat ze bij elkaar betrokken zijn. Je kunt je niet opofferen voor een onbekend persoon.

Dit gezegd hebbende betekent dat als je bij elkaar betrokken wilt zijn dat je ook een andere verhouding krijgt tot het stukje vlees op je bord. Het is een stukje van varken Fridolien (zie de blogs daarover) of een stukje van een rund met een leven en een naam. Als je dat kunt en nog steeds vlees wilt eten, dan eer je dat varken of dat rund dat zich voor je opgeofferd heeft. Zo kun je zonder karma op je te laden vlees eten.
M: Als je het zo zegt, betekent het eigenlijk ook dat vleeseters in de huidige maatschappij karma op zich laden door vlees te eten.
H: Dat klopt en dat karma zullen ze met zich meedragen en ooit kunnen inlossen door inzichten te krijgen in hoe dingen in elkaar steken. En dan komen we bij de natuurwetten waar ik het ooit over gehad heb die je zou moeten onderzoeken. En waar je me maar wat graag over wilt vragen er iets over te vertellen. Maar daar ben je nog niet rijp voor. Je zult ze zelf moeten ontdekken en dan kan ik je helpen om ze beter te begrijpen. Eerst zelf zoeken en echt zoeken, dan kunnen we het er over hebben. Ik dank je wel voor je vraag.
M: Ik dank jou voor je antwoord en je opdracht aan mij. Ik ga er aan werken. Dank je wel.
220622

Het vrije paard op stal

Ik vond een mooi verhaal uit 2009, in de tijd dat ik veel met vrije dieren communiceerde en daar blogs van bijhield.

 

Deze maand heb ik niet veel contacten gehad met vrije dieren omdat mijn aandacht en tijd onder andere werden gevraagd door huisdieren en hun eigenaren.
Het waren mooie, intensieve gesprekken waarin veel gebeurde en opgehelderd werd. Heel fijne, heel verdrietige en moeilijke dingen kwamen boven en ook heel indrukwekkende.
Over het laatste gesprek wil ik graag wat schrijven.
De avond voor kerstavond tolkte ik in een gesprek tussen een man en zijn paard. Er waren eigenlijk geen problemen en dat bleek meteen al toen ik contact maakte met het paard: hij begroette de man intens en bleef in mijn beeld een tijd lekker tegen hem aan staan. Ik moest hem echt de tijd geven voor we het gesprek konden beginnen, zo blij was het paard dat hij op deze manier contact had met de man.
Tijdens het gesprek ervoer ik de sterke band tussen deze twee.
Het paard is de leider van een kudde van negen paarden en de man is de leider van het paard. Beiden vullen hun natuurlijk leiderschap in op basis van respect en gelijkwaardigheid. Er wordt niks met geweld opgelegd waardoor er geen verzet optreedt bij de ander(en).
Het voelde voor mij als een enorme bevrijding om kennis te maken met een paard dat geen last heeft van zijn verleden. Dat geen last heeft van gedrag van mensen waardoor frustraties ontstaan.
Ik vertelde de man dat ik ook met vrije dieren praat en dat ik in dit paard een vrij dier zag, ondanks dat hij ’s avonds en ’s nachts op stal staat. De man was blij dit te horen omdat hij hoopte dat zijn omgang met het paard dit effect zou hebben op het dier.
Beiden wisten we dat het paard zich heel anders zou gedragen als deze man zijn wil op een autoritaire en dominante manier zou opleggen aan het dier. De man wist het omdat het dier erg druk was toen hij hem leerde kennen en niemand achter de middenlijn van de stal mocht komen. En ik wist het omdat het dier een enorm verzet liet zien in de periode dat hij een maand bij een handelaar stond.
Een dier heeft altijd het laatste woord en het beeld dat dit paard liet zien was zijn hoofd met wapperende manen in de blauwe lucht. Een vrij dier. Een dier dat kan zijn zoals hij is doordat hij een mens heeft gevonden die goed naar hem luistert en zuiver met hem omgaat.

Zo vlak voor de kerst vond ik dit een erg mooie ervaring. Zijn wie je bent. Het is het thema van dit moment voor mij en dit paard liet me weer zien hoe mooi iemand is die kan zijn wie hij is. Wat een enorme rust en kracht gaat er van een dier of mens uit als hij kan zijn wie hij is.
Daar gaan we naartoe met z’n allen, daarvan ben ik overtuigd!
En ik ben er ook van overtuigd dat de diercommunicatie in deze vorm daaraan kan bijdragen. Want dieren hebben ons veel te vertellen waardoor wij geholpen kunnen worden om te worden wie we zijn.