Wat een Australische Honing Papagaai vertelt na een natuurbrand
Naar aanleiding van mijn vorige blog over de natuurbranden, besefte ik dat ik eerder een diergesprek heb gehad met dieren die door natuurbranden waren getroffen. In het bijzonder onderstaand gesprek met een Australische Honing Papagaai was me bijgebleven. En toen ik dat gesprek opzocht, zag ik dat ik het nooit als blog heb gepubliceerd. Dus volgt hier nu een gesprek dat ik in 2020 heb gehad.
M: Dag Papagaai, ik zou graag met je willen praten over de bosbranden in jouw land.
P: Uit nieuwsgierigheid of heb je echt belangstelling?
M: Ik zal me even voorstellen, ik ben … en wil heel graag dieren een stem geven. Daarvoor moet ik goed leren praten met allerlei soorten dieren. En dieren hebben een stem nodig in maatschappelijke ontwikkelingen. Die Australische bosbranden zijn maatschappelijk zeer relevant.
P: OK, je hebt dus goede bedoelingen. Begrijp je dat ik wat wantrouwend ben, hoewel ik nooit iemand heb gekend die met me kon praten. Maar mensen vertrouw ik niet bij voorbaat.
M: Ik voel ergens dat je boos bent op mensen die dit hebben gedaan of tenminste hebben laten gebeuren. Klopt dat?
P: Dat klopt zeker. Het is niet voor te stellen wat er allemaal gebeurd is en ik zal je er over vertellen.
Wij leefden in een kolonie van wel twintig tot dertig papagaaien in het binnenland van Quensland. Al enige tijd waren er hevige bosbranden maar ver bij ons vandaan, dus maakten we ons geen zorgen. Maar ineens kwam het heel snel onze kant op. Wij zijn vogels en kunnen vliegen, maar we zijn geen kunstenaars in het vliegen en dat kunnen we ook niet heel lang volhouden. Zodra we zagen dat het heel snel dichterbij kwam, zijn we met z’n allen vertrokken. Maar het vuur haalde ons in, de vlammen waren zo hoog dat we niet boven de vlammen uit konden vliegen en we konden de hitte dus niet ontwijken. We zijn allemaal op een afschuwelijke manier verbrand. Het doet ontzettende pijn als je veren in brand vliegen en je vleugels je daardoor niet meer kunnen dragen. Je valt als een pakketje uit de lucht midden in de vlammen. En dan verbrand je levend, dat is afschuwelijk.
M: Wat een heftig verhaal zeg. En daarna?
P: Wat bedoel je daarna?
M: Ik bedoel dat je vogel lichaam dood is gegaan en dat jij nog verder leeft.
P: Ik ben helemaal niet dood gegaan, ik ben verbrand, maar ben er nog steeds en heb veel meer vrijheid van vliegen. We zijn dan ook naar een andere plek verhuisd waar het veel prettiger is en geen bosbranden zijn.
M: Ja, dat bedoelde ik eigenlijk met dat je verder leeft, maar op een andere manier.
P: Ja maar je zei dat ik dood was en dat ben ik dus niet, anders zou ik toch niet met je kunnen praten?
M: Je hebt verschillende lichamen, een fysiek lichaam waarin je vogel was en dat lichaam is verbrand. Maar daarnaast heb je ook nog een geestelijk lichaam, dat kan van een vogel zijn, maar kan ook wat anders zijn, dat is niet verbrand, en dat heeft nog bewustzijn en dat deel praat met mij.
P: Je wilt beweren dat ik geen papagaai meer ben?
M: Dat zeg ik niet echt. Ik denk en ik wil me niet te bruut uitdrukken, maar ik denk dat je dood bent gegaan in de vlammen van de bosbranden en dat je nu nog niet beseft dat je dood bent.
P: Dat is onzin, ik kan toch echt vliegen en bomen en gras en water zien.
M: Maar moet je ook gaan drinken en eten?
P: Dat heb ik in het begin wel geprobeerd, maar ik kreeg de zaden niet te pakken met m’n snavel en ik kon ook niet meer drinken. Maar gelukkig heb ik er geen behoefte meer aan.
M: Kan het zijn dat je door de shock van de vlammenzee en het daarna verbranden van je lichaam, je niet de tijd hebt gehad om je lichaam te verlaten en dat je daardoor denkt dat je nog vastzit in de fysieke wereld?
P: Wat bazel je nu toch over fysieke en geestelijke wereld. Ik woon gewoon in een holle boom en leef bijna net zo als vroeger. Alleen hoef ik niet meer te eten en drinken, dat is best wel makkelijk, maar soms ook lastig omdat ik dat dan vergeet en ik toch probeer de zaden te pellen en op te eten, maar ik krijg ze niet te pakken. En als ik mijn snavel in het water steek, voel ik geen water en kan ik het ook niet drinken.
M: Nou dank je wel voor het gesprek. Mag ik nog een keertje bij je terugkomen? En wil je nog wat zeggen?
P: Je mag gerust nog een keertje terugkomen.
We hebben hier duidelijk te maken met een dier dat door een trauma is gestorven en dat zelf nog niet beseft. Dit was voor mij de allereerste keer dat ik daarmee geconfronteerd werd. Na afloop heb ik daar met Hyronimus over gehad en die heeft me een ritueel gegeven om dieren in deze situaties te helpen. In een volgende blog zal ik dat ritueel opnemen.
200212

