“Wij horen in de kringloop”

Iemand vroeg me om eens met coloradokevers te praten omdat ze daar behoorlijk last van heeft in haar volkstuin.

`Wij zijn nuttig! Waarom zo´n hetze?”, hoor ik meteen. “Wij zijn voedsel. Wij horen in de kringloop.”

“Ja maar…,” begin ik meteen de kant van de mens te kiezen, “jullie klonteren samen.”

“Als dat zo is, dan is het daar goed,” is het directe antwoord. Ik kan de groep dieren weer eens geen ongelijk geven.

Kennelijk ga ik wat heen en weer met mijn gedachten en beelden want de kevers vallen in: “Ja, vliegen, dat is fijn.” “We kunnen dan wel opgegeten worden,” komt het vlak daarna. “Wij zijn geen individu, dus op het geheel maakt dat niet uit.”

De diertjes gaan me wat snel, maar ik begrijp dat ze bedoelen dat op het geheel van de kevers een aantal opgegeten kevers niet gemist worden.

Ze zijn lekker in de vliegmodus en laten zien dat ze een nieuwe omgeving verkennen door ruiken en proeven. Om zo te ontdekken of die habitat goed is voor ze.

“En dan zenden we signaaltjes uit naar de anderen, die komen dan ook.”

Ze laten nogmaals weten dat een aantal van hen best opgegeten kan worden. Het gaat hen niet om het individu maar om het geheel. Ik laat heel bijdehand weten dat mensen ze graag kwijt zijn en ik laat gif zien. Dan hoeft van hen niet. Dat stopt hun levensproces en dan wordt het hele coloradokeverveld ‘een geest met gaten’.

De dieren hebben het weer voor elkaar gekregen om me haarfijn te laten voelen dat ook zij recht hebben op leven op deze planeet en dat, als alles in balans is, er ruimte is voor iedereen.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *